Goed verzekerd is half gewonnen

Een levensverzekering is een overeenkomst waarbij vier partijen een rol spelen:
een verzekeraar, een verzekeringnemer, een verzekerde en een begunstigde.
De verzekeringnemer sluit met de verzekeraar een overeenkomst.
De verzekeraar betaalt een som uit aan een begunstigde, als de verzekerde gebeurtenis zich voordoet, die gekoppeld is aan het leven van een verzekerde.

De levensverzekering werd en wordt opgezet vanuit het idee van de voorzorg. Tijdens uw leven zorgt u voor een appeltje voor de dorst. Of stel dat u overlijdt, dan waarborgt u een zekere levensstandaard voor uw nabestaanden.

Daarnaast wordt de markt overspoeld door een haast onuitputtelijk arsenaal van nieuwsoortige producten. Hun succes danken ze vooral aan de besparingen op het vlak van de inkomstenbelastingen.

Maar dat is niet de enige reden van hun opmars. De levensverzekering of een afgeleid product wordt alsmaar meer ingeschakeld als een instrument van successieplanning. En dat is geheel terecht. Want de levensverzekering heeft enkele heel belangrijke troeven.

Dankzij de levensverzekering moet de vermogensoverdracht niet meteen gebeuren. De overdracht komt er pas op het moment van de verzekerde gebeurtenis: de verzekeringsnemer sterft, de begunstigde wordt dertig jaar, enzovoort. Bovendien kunt u de successieplanning combineren met een aantrekkelijke belegging. Denk bijvoorbeeld aan een Tak23-polis.

De verzekeringsnemer behoudt een verregaande controle over zijn vermogen, zolang de verzekerde gebeurtenis zich niet voordoet. Hij kan zijn polis afkopen, een voorschot vragen op de verzekerde prestaties, een andere begunstigde aanwijzen, enzovoort.