Het attest van erfopvolging en de akte van erfopvolging

Wanneer iemand overlijdt, moeten zijn rechtsopvolgers (of erfgenamen) bekend worden. Tot er meer duidelijkheid is over de identiteit van de rechtsopvolgers, moet de bank de rekeningen en kluizen van de overledene blokkeren. Om een bankrekening te deblokkeren, moeten de erfgenamen een “attest van erfopvolging” of een “akte van erfopvolging” kunnen voorleggen.

 

 

Waarom heb je zo'n attest of akte nodig?

Een attest van erfopvolging wordt door de notaris of het registratiekantoor afgeleverd. Een akte van erfopvolging kan je enkel via de notaris. Soms is het voorleggen van een akte van erfopvolging verplicht. Dat is met name het geval als de erflater een huwelijkscontract had, een testament had opgesteld, een schenking had verricht of als er wilsonbekwame erfgenamen zijn.

In die akte wordt het overlijden bevestigd en wordt vastgesteld aan wie de nalatenschap toekomt. De identiteit van de erfgenamen wordt erin vermeld. Dat vergt soms opzoekingen die enige tijd vragen. Zo moet de notaris bv. nagaan of er een testament werd opgesteld. De notaris zal ook de fiscale en sociale kennisgevingen verrichten. Eventuele schulden moeten afgehouden worden om de rekeningen vrij te kunnen geven.

 

 

 

Nagaan of er een testament is

De notaris gaat na of er een testament werd opgesteld. Hij zal daarvoor navraag doen op het registratiekantoor en op het Centraal Register voor Testamenten (C.R.T.). Notariële testamenten worden op die manier onmiddellijk opgespoord. Eigenhandig geschreven testamenten zijn op die wijze niet altijd terug te vinden. De notaris kan enkel kennis hebben van eigenhandig geschreven testamenten die bij hem in bewaring werden gegeven.