Voor wat

Enkel de hoofdverblijfplaats van de zelfstandige wordt beschermd. Dit is de plaats waar de zelfstandige met zijn gezin gewoonlijk leeft en zijn voornaamste belangen heeft. De zelfstandige hoeft niet de eigenaar te zijn van de woning, ook de zelfstandige mede-eigenaars en vruchtgebruikers genieten van de bescherming. Zelfstandigen die slechts een persoonlijk gebruiksrecht (bijvoorbeeld huur) hebben op hun gezinswoning kunnen echter geen verklaring laten opstellen.

 

Het kan zijn dat de woning niet enkel wordt aangewend als hoofdverblijfplaats, maar ook gebruikt wordt als beroepspraktijk (denk bijvoorbeeld aan artsen). In zo’n geval zal gekeken moeten worden welk deel precies voor de beroepspraktijk wordt aangewend. De onbeslagbaarheid zal voor heel de woning gelden indien minder dan 30% voor beroepsdoeleinde wordt gebruikt. Van zodra 30% voor beroepsdoeleinden gebruikt wordt, zal de onbeslagbaarheid slechts gelden voor het privégedeelte van de woning. Aanvullende formaliteiten zijn dan vereist.