Op het vlak van de personenbelasting geldt de regel dat wettige samenwoners belast worden als gehuwden. Feitelijke samenwoners worden beschouwd als alleenstaanden en worden dus elk apart belast.

 

Feitelijke samenwoners

  • worden afzonderlijk belast
  • dienen elk apart een aangifte in
 

Wettelijke samenwoners

  • worden samen belast
  • dienen in principe een gezamenlijke aangifte in
 

Opgelet!

Op het principe van de gezamenlijke aangifte gelden een aantal uitzonderingen. Wettelijke samenwoners moeten in de volgende gevallen een aparte aangifte indienen:

  • Voor het jaar waarin de ongehuwde samenwoners een wettelijke samenwoning aangaan
  • Indien een koppel in 2017 wettelijk is gaan samenwonen, moeten ze in 2018 nog een aparte belastingaangifte indienen en zullen ze in 2018 nog apart belast worden
  • Voor het jaar van overlijden van één van de partners
  • Bij een feitelijke scheiding
  • Voor het jaar waarin de wettelijke samenwoning eindigt om een andere reden dan het overlijden van één van de partners
  • Als één van partners een ambtenaar is
 

Wat is het huwelijksquotiënt?

Het huwelijksquotiënt wordt toegevoegd aan de beroepsinkomsten van de samenwonende partner met het laagste inkomen totdat zijn inkomen 30% bedraagt van de totale inkomsten van de beide partners samen. Dit betekent dat de inkomsten van de partner met het laagste inkomen minder dan 30% van de totale gezamenlijke inkomsten moeten bedragen, anders kan het huwelijksquotiënt niet toegepast worden. Het “overgezet” deel zal minder belast worden, zodat de totale belastingen voor de partners dalen. Een huwelijksquotiënt zal nooit toegepast worden indien het zou leiden tot hogere belastingen.

 
 

Een wettelijk samenwonende partner kan nooit ten laste genomen worden door de andere partner. Wél kan het huwelijksquotiënt (net zoals bij gehuwden) toegepast worden. Partners moeten voor het jaar waarin ze een verklaring van wettelijke samenwoning afleggen nog geen gezamenlijke aangifte indienen. Om van het huwelijksquotiënt te kunnen genieten moet er echter sprake zijn van een gezamenlijke aangifte. In de praktijk kunnen wettelijke samenwonenden dus slechts genieten van het huwelijksquotiënt na het jaar van de verklaring van samenwoning.