Gedwongen en gerechtelijke openbare verkoop

In sommige gevallen moet de openbare verkoop plaatsvinden volgens welbepaalde wettelijke regels. Bijvoorbeeld wanneer het goed toebehoort aan minderjarigen of aan iemand die onder voorlopig bewindvoering is geplaatst.
In dat geval spreekt men van een 'gerechtelijke openbare verkoop'.
Ook bij een verkoop op uitvoerend beslag moeten bijzondere regels worden nagevolgd. In dat geval spreekt men van een ‘gedwongen  openbare verkoop’.

De gedwongen en gerechtelijke openbare verkoop wordt gehouden in één enkele zitdag.

De toewijzing geschiedt steeds onder de opschortende voorwaarde van de afwezigheid van een hoger bod.

Dit betekent dat iedereen binnen de 15 dagen een bod kan doen via een gerechtsdeurwaarder. Dit bod moet 10% bedragen van de laatst geboden prijs met een minimum van € 250 en een maximum van € 6.200.

Dan zijn er twee mogelijkheden:

  1. er wordt geen hoger bod gedaan binnen de voorziene vijftien dagen: de laatste bieder wordt dan definitief koper;
  2. er wordt wel een hoger bod gedaan: de notaris stelt een nieuwe en definitieve zitdag vast. Op deze zitdag kan iedereen weer aan de biedingen deelnemen en zal er toegewezen worden aan de hoogstbiedende zonder dat er daarna nogmaals een hoger bod mogelijk is.