29

Aan welke voorwaarden moet een eigenhandig testament voldoen?

Om geldig te zijn moet het testament voldoen aan drie vereisten:

1. het moet door de testamentmaker zelf volledig eigenhandig geschreven worden: een getypt testament is ongeldig;

2. de vermelding van de naam en datum zijn onontbeerlijk, vermits men moet kunnen oordelen of het document werkelijk de laatste wilsbeschikking van de testamentmaker is. Men vermeldt dus het jaar, de maand en de dag;

3. tenslotte is de handtekening noodzakelijk. Zij is bij uitstek het identificatiemiddel van het document.

Het is in ons land nog niet verplicht het eigenhandig testament bij een notaris in bewaring te geven. De bewaargeving biedt echter belangrijke voordelen waaronder de mogelijkheid het testament te laten inschrijven in het Centraal Register van de uiterste wilsbeschikking (C.R.T.). Deze dienst laat toe het testament op te sporen, na het overlijden van de beschikker. Het volstaat immers niet een geldig testament te maken, men moet het later nog kunnen terugvinden. Bovendien voorkomt de bewaargeving bij de notaris het gevaar dat het testament wordt weggemaakt door degenen die zich benadeeld achten. Burgers kunnen niet rechtstreeks een testament laten registreren in het C.R.T. Het is de notaris die voor de registratie zal zorgen.

Let op : elke persoon moet afzonderlijk zijn testament opmaken.
Een testament dat door twee of meer personen samen op één document gemaakt wordt is ongeldig.
De beschikkingen in een testament moeten duidelijk en ondubbelzinnig zijn.

Iedereen kan in zekere mate bepalen aan wie zijn nalatenschap of een deel ervan zal toekomen bij zijn overlijden. Naast het internationaal testament en het notarieel testament heeft men ook het eigenhandig testament.
Indien men kiest voor een eigenhandig testament moet men uiterst voorzichtig en nauwgezet te werk gaan.

Buiten de voormelde vormvoorschriften is de inhoud (de formulering) van zeer groot belang. Immers na het overlijden van de testamentmaker is geen correctie meer mogelijk.

Vooreerst moet nauwkeurig vermeld worden wie de begunstigde zal zijn.

Is deze een fysisch persoon, dan dient zijn naam, voornaam en zo mogelijk ook zijn adres, geboorteplaats en -datum vermeld te worden. Enkel ‘Jan’ of ‘Karel’ volstaat niet. Bij overlijden zouden vele Jantjes of Karels zich kunnen geroepen voelen.

Is de begunstigde een instelling (bv. een jeugdwerk of een liefdadige instelling) dan neemt men best tevoren contact op met de instelling om haar juiste benaming en rechtsvorm te kennen. Een telefoontje kan hier meestal reeds volstaan. Immers, hoe goed ook de bedoeling, mocht later blijken dat de begunstigde foutief is aangeduid, dan kan het testament dode letter blijven. Best voorziet men ook wie in aanmerking zal komen wanneer de begunstigde (hetzij een fysisch persoon of een instelling) zelf niet meer in leven is, of niet meer zou bestaan. Voorziet men dit niet, dan zal het wettelijk erfrecht worden toegepast.

Niet enkel dient duidelijk aangeduid te worden wie de begunstigde(n) is of zijn, maar tevens moet ook vermeld worden wat elk van hen zal verkrijgen.

Is het de hele nalatenschap, of slechts een gedeelte ervan. Een bepaald huis of voorwerp? Een som geld? Men mag niet vaag blijven : ieders erfdeel moet duidelijk en concreet omschreven worden. Behalve materiële, kan men ook praktische schikkingen in een testament opnemen. Wenst de testamentmaker een begrafenis of wil hij of zij gecremeerd worden? Hoe dient een en ander te verlopen?

Kortom, een testament biedt vele mogelijkheden. Wie er gebruik van wenst te maken, neemt veiligheidshalve best contact op met zijn notaris. Zo kan men er op rekenen dat zijn laatste wil correct kan worden uitgevoerd.